De Raad van State sprak zich zopas uit over de betwisting van Ziekenhuis Netwerk Antwerpen (ZNA/GZA/ZAS) tegen de erkenning van het AYA-traject (Adolescents & Young Adults met kanker) voor zes ziekenhuizen met uitsluiting van ZNA en GZA. Het arrest spitste zich toe op de vraag of het Riziv de erkenning en financiering van een gespecialiseerd zorgprogramma (AYA) correct had toegekend.
Het AYA-traject richt zich zoals bekend op jongvolwassen kankerpatiënten (16–35 jaar), die andere noden hebben dan pediatrische of oudere patiënten.
Zes ziekenhuizen – UZ Leuven, UZ Gent, het Universitair Ziekenhuis Antwerpen (UZA), het CHU Liège (Universitair Ziekenhuis van Luik), het Instituut Jules Bordet en Cliniques Universitaires Saint-Luc (Universitair Ziekenhuis Saint-Luc) kregen een goedkeuring voor de AYA-overeenkomst maar ZNA en GZA niet.
Dat vochten ZNA/GZA/ZAS aan in een beroep, ingesteld op 8 januari 2024. GZA en ZNA werkten al sinds 2017 structureel samen en zijn intussen één ziekenhuis geworden (ZAS).
De AYA-teams moesten in de ziekenhuizen operationeel zijn vanaf 1 januari 2024. Vanaf ten laatste 1 januari 2026 diende hun expertise met adviesfunctie naar andere ziekenhuizen en de eerste lijn uitgerold te worden. Zes ziekenhuizen in België voldeden aan de voorwaarden om tot deze conventie te kunnen toetreden, heette het.
ZNA/GZA/ZAS vonden dat de procedure onzorgvuldig was, dat hun eigen expertise werd genegeerd en dat een en ander onvoldoende transparant was.
Oordeel Raad van State
De Raad stelde vast dat er lacunes waren in de manier waarop de overheid het programma toekende. Er is met andere woorden sprake van procedurefouten. Vooral de onderbouwing en motivering waren onvoldoende uitgewerkt.
ZNA/GZA/ZAS hekelden inderdaad het feit dat het Verzekeringscomité in de AYA-overeenkomst zelf alle voorwaarden bepaalt, zonder omkadering door de regering, zonder de toets door de afdeling wetgeving van de Raad van State en zonder dat men een voorafgaande objectieve en transparante selectieprocedure moet doorlopen met open kandidaatstellingen.
ZNA/GZA/ZAS haalden volgens de Raad van State terecht aan dat de overheid onvoldoende objectieve criteria hanteerde bij de keuze voor de aangeduide ziekenhuizen.
Gevolg: de Raad van State vernietigt de goedkeuring van het Riziv-Verzekeringscomité van de ontwerpovereenkomst met de zes bewuste ziekenhuizen (AYA-referentieteams ter ondersteuning van zorg op maat voor AYA’s met kanker - artikel 56) zonder GZA/ZNA. Dat betekent niet dat het AYA-programma inhoudelijk ongeschikt is, maar dat de overheid de toewijzing opnieuw, transparanter en met objectieve criteria moet motiveren. Het Riziv draagt de kosten van het beroep tot nietigverklaring en moet een rechtsplegingsvergoeding betalen aan GZA/ZNA/ZAS.
Grote impact
Het vonnis werd geveld op 16 juni en is zopas bekendgemaakt. Het heeft precedentwaarde: ziekenhuizen kunnen erkenningen aanvechten als de overheid die onvoldoende motiveert of te weinig transparant te werk gaat.
Voor de praktijk van de AYA-zorg zelf betekent dit geen inhoudelijke afwijzing, maar wel dat samenwerking en duidelijke afspraken essentieel worden. Ziekenhuizen die inzetten op innovatieve zorgprogramma’s moeten rekenen op meer aandacht voor procedurele correctheid bij erkenning en financiering.
Voor artsen zet dit arrest opnieuw het belang van multidisciplinaire samenwerking in de verf. Ziekenhuismanagers dienen dan weer voldoende oog te hebben voor de
strategische voorbereiding van dossiers richting overheid: transparantie, duidelijke kwaliteitscriteria en evenwichtige spreiding zijn doorslaggevend. Tot slot blijkt hieruit glashelder dat de overheid in de toekomst haar beslissingen sterker moet motiveren om juridische betwistingen te vermijden.
Lees hier het volledige vonnis
> Akkoord zes ziekenhuizen voor kankerzorg op maat voor jongeren








