Urinaire biomarkers bieden een veelbelovende, niet-invasieve methode voor de detectie en opvolging van blaaskanker. Traditionele technieken zoals cystoscopie zijn invasief en urinecytologie is vaak onvoldoende gevoelig. Nieuwere tests, waaronder NMP22, UroVysion, Cxbladder, Bladder EpiCheck, UroSEEK en AssureMDx, maken gebruik van eiwitten, mRNA, DNA-methylatie en mutaties om tumoren vroegtijdig en accuraat op te sporen. Ook RNA-profielen, exosomen en metabolieten in urine tonen potentieel. Met behulp van artificiële intelligentie kunnen predictiemodellen worden gebouwd, en ondanks ethische en economische aandachtspunten is brede implementatie in zicht. De toekomst van blaaskankerzorg ligt in gepersonaliseerde diagnostiek, gebaseerd op deze biomarkers.
Inleiding
Blaaskanker is één van de meest voorkomende kwaadaardige tumoren van het urogenitale stelsel en heeft een aanzienlijke impact op de volksgezondheid wereldwijd. De hoge incidentie en de neiging tot recidiveren maken het tot een ziekte die intensieve follow-up vereist, wat leidt tot hoge zorgkosten en een aanzienlijke belasting voor patiënten. Traditionele methoden voor de detectie van blaaskanker, zoals cystoscopie en urinecytologie, zijn respectievelijk invasief of beperkt in gevoeligheid, vooral voor laaggradige tumoren. Dit heeft geleid tot een groeiende belangstelling voor niet-invasieve, biomarker-gebaseerde tests in urine, die potentieel bieden voor vroege detectie, monitoring van recidief en voorspelling van therapierespons. Hierbij geven we een overzicht van de recente ontwikkelingen in urinaire biomarkers voor blaaskanker. We bespreken de technische aspecten, de karakteristieken van hun klinische performantie, de commerciële beschikbaarheid en toekomstige richtingen van deze biomarkers (1, 2).
Epidemiologie en klinische achtergrond
Wereldwijd worden jaarlijks meer dan 570.000 nieuwe gevallen van blaaskanker vastgesteld, wat het één van de meest voorkomende vormen van kanker maakt. In de meeste gevallen betreft het een urotheelcarcinoom, dat ontstaat in het slijmvlies van de blaas. De ziekte komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen en roken is de belangrijkste risicofactor. Andere risicofactoren zijn blootstelling aan chemische stoffen (zoals aromatische amines), chronische urineweginfecties, en bepaalde genetische predisposities. In ongeveer 75% van de gevallen wordt blaaskanker in een niet-invasief stadium gediagnosticeerd, wat relatief gunstig is voor de overleving, maar een hoge kans op recidief en progressie met zich meebrengt. Daardoor is frequente monitoring essentieel, wat de behoefte aan betrouwbare, niet-invasieveopvolgingsmethoden versterkt (3, 4).








