Tabak en urinewegkanker: enkele cijfers

Actuality
Dr. Philippe Mauclet

In European Urology is een systematisch literatuuroverzicht gepubliceerd dat een preciezer idee geeft over het risico op blaas- en nierkanker als gevolg van het roken van tabak.

Actief volgen, chirurgie of radiotherapie?

Actuality
Dr. Philippe Mauclet

Op de website van de New England Journal of Medicine zijn er 2 online artikels en een redactioneel commentaar gepubliceerd over de aanpak bij lokale prostaatkanker: resultaten na 10 jaar, het oordeel van de patiënten en de mening van A.V. D’Amico.  

EHA-congres: late breaking session

Actuality
Dominique-Jean Bouilliez

 European Haemotological Association, Kopenhagen, 9-12 juni 2016

 

Relaps van of therapieresistente ALL, relaps van myeloom, relaps van koudeagglutinineziekte… er is niet altijd een oplossing voor. Maar er liggen blijkbaar nieuwe mogelijkheden in het verschiet. De hematologie beperkt zich echter niet tot maligne aandoeningen. Wat te doen bijvoorbeeld bij een hersenbloeding bij een patiënt die wordt behandeld met plaatjesaggregatieremmers? Wat te denken van het risico op overdracht van een hiv-infectie via bloedplaatjes? Vijf onderwerpen die het organisatiecomité heeft geselecteerd, vijf antwoorden voor de klinische praktijk.

 

Published ahead of print.

Aandachtspunten bij de ontwikkeling van een nieuwe generatie immuuncheckpoint-inhibitoren

Actuality
Sandrine Aspeslagh

Département d’Innovations et d’Essais Précoces (DITEP), Gustave Roussy Cancer Centre, Villejuif, France

 

Reeds in de negentiende eeuw werd door Virchow beschreven dat tumoren sterk door immuuncellen geïnfiltreerd kunnen worden. Enkele jaren later probeerde Coley om kanker te behandelen met bacteriële producten, maar het duurde tot 2010 vooraleer de eerste immuuncheckpoint-inhibitor, ipilimumab (anti-CTLA4), door de FDA en EMA aanvaard werd. Dit gebeurde op basis van studies waarin aangetoond werd dat enkele toedieningen van ipilimumab langdurige ziektecontrole kunnen induceren bij melanoompatiënten met gemetastaseerde ziekte. Sindsdien wordt de plaats van ipilimumab meer en meer verdrongen door verschillende anti-PD(L)1-antilichamen vermits deze hun effectiviteit in bijna meer dan 20 verschillende types van tumoren hebben aangetoond. Doch ook hier blijft een grote groep patiënten resistent aan deze therapievorm en is er heel wat ruimte voor nieuwe immuuntherapieën. Momenteel worden daarom verschillende antilichamen ontwikkeld tegen leden van de TNF receptorfamilie, zoals anti-OX40. Dit artikel beschrijft de toekomstige mogelijkheden van deze beloftevolle therapievormen.

 

Published ahead of print.

Tumorbudding in colorectale kanker

Actuality
Linde De Smedt, Xavier Sagaert

Translationeel cel- en weefselonderzoek, departement pathologie en beelvorming, KU Leuven

 

Tumorbudding wordt gedefinieerd als individuele cellen of kleine groepjes tot vijf tumorcellen die afsplitsen van de tumor. Dit is een proces dat meestal voorkomt ter hoogte van het invasiefront bij 20 tot 40% van de colorectale tumoren. Dit afsplitsen van tumorcellen is sterk geassocieerd met lymfovasculaire invasie, tumorale aantasting van de lymfeklieren en orgaanmetastasering. Bijgevolg is tumorbudding gerelateerd aan een negatieve prognose. Tot op heden is tumorbudding nog niet geïntegreerd in pathologische verslaggeving, wegens het gebrek aan een algemeen, wereldwijd aanvaard scoresysteem. Het mechanisme waardoor buddingcellen afsplitsen van de tumor en ze een verhoogde motiliteit verwerven, is nog steeds onbekend. In deze review geven we een samenvatting over de gebruikte definities, voorgestelde scoresystemen, eventuele prognostische relevantie en het biologische mechanisme dat leidt tot tumorbudding.

 

Published ahead of print.

PET-CT versus halsklierdissectie bij gevorderde hoofd- en halstumoren

Actuality
Heidi Van de Keere

Een studie in The New England Journal of Medicine vindt geen verschil in overleving na PET-CT-surveillance versus halsklierdissectie na primaire chemoradiotherapie in een cohort patiënten met plaveiselcelcarcinoom van hoofd/hals en gevorderde klieraantasting (N2 of N3). De surveillance resulteerde in duidelijk minder ingrepen en was kosteneffectiever.